De kunstcollectie van het Rijk telt circa 100.000 voorwerpen. Van schilderijen, beeldhouwwerken en performances tot meubels, sieraden en affiches. De Rijksdienst beheert de collectie. Veel staat in musea, openbare gebouwen en Nederlandse ambassades. Wat niet is uitgeleend, is opgeslagen in depots in Rijswijk.
Unieke en bekende kunstwerken
De kunstcollectie van het Rijk omvat:
Hoe komt het Rijk aan kunst?
Het Rijk komt aan kunst via aankopen, opdrachten, schenkingen, legaten en overdrachten. Zo kocht het Rijk van 1932 tot 1992 niet alleen kunst. Ook liet het eigentijdse kunst uitvoeren. Grote collecties kwamen via schenkingen in rijksbezit. Een recente schenking is die van cartoonist Frits Müller in 2008.
Hoogwaardige collectie
De Rijksdienst streeft naar een kleinere, hoogwaardige collectie. Kunstwerken waar geen plaats voor is, komen voor herplaatsing in een database voor musea. Wat daarna overblijft laten we veilen. Bijvoorbeeld via eBay op de site www.haaleenstukjemuseuminhuis.nl.
BKR
Van 1949 tot 1978 verkochten veel kunstenaars hun werk aan het Rijk. Eerst via de Contraprestatie en na 1956 via de Beeldende Kunstenaars Regeling (BKR). Veel van dit werk is aan de kunstenaars teruggegeven of geschonken aan stichtingen voor kunstuitleen.
Het VPRO-radioprogramma OVT besteedde eind 2011 twee uitzendingen aan de Beeldende Kunstenaars Regeling (BKR). Oud-ministers, actievoerders, kunstenaars, ambtenaren en onderzoekers komen aan het woord over deze regeling . Zo ook twee medewerkers van de Rijksdienst: Fransje Kuyvenhoven en Arjen Kok.
Joods kunstbezit
In de oorlog hebben Duitse bezetters zich kunstwerken van Joodse families toegeëigend. Na de oorlog eiste Nederland zo’n 4000 werken ‘zonder eigenaar’ terug. Een deel is alsnog aan de nazaten teruggegeven. Bijvoorbeeld aan de erven Goudstikker.
